VVH logo-rgb

Treatment of severe fear of childbirth with haptotherapy: design of a multicenter randomized controlled trial

zwangerschapAbout six percent of pregnant women suffer from severe fear of childbirth. These women are at increased risk of obstetric labour and delivery interventions and pre- and postpartum complications, e.g., preterm delivery, emergency caesarean section, caesarean section at maternal request, severe postpartum fear of childbirth and trauma anxiety.

During the last decade, there is increasing clinical evidence suggesting that haptotherapy might be an effective intervention to reduce fear of childbirth in pregnant women. This study has been designed to evaluate the effects of such intervention.

Gert Klabbers, Klaas Wijma, Marieke Paarlberg, Wilco Emons en Ad Vingerhoets

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Casuïstiekbeschrijving

Foot Print-256De eerste stappen die we als jonge beroepsgroep zetten op het gebied van wetenschappelijk onderzoek vraagt om een investering (lange termijn) en derhalve geduld. Ieder wetenschappelijk onderzoek is weer een bouwsteen om het fundament van ons beroepshuis te versterken. En kan weer tot nieuwe onderzoeksvragen leiden.

Om bovenstaande reden wordt geïnvesteerd in casuïstiekbeschrijving, waarbij ervaren GZ-Haptotherapeuten de lezer meenemen in de 'black box'. Dit heeft inmiddels geleid tot een eerste publicatie in de vorm van het boek Haptotherapie bij burn-out.

Het boek kunt u bestellen in onze webwinkel.

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Eigenheid Haptotherapie

Button-256"Ik begon mijn uiteenzetting met een uitgebreide voorstelling van haptotherapie als lichaamsgerichte therapievorm. Haptotherapie is een zeer recente therapie die haar wortels heeft in de haptonomie. Het doel van deze studie was op zoek te gaan naar de eigenheid van haptotherapie. Wat is, volgens literatuur en experts, de eigenheid van haptotherapie en wat onderscheidt deze therapievorm van andere lichaamsgerichte therapieën? Vervolgens werd geprobeerd om deze theoretische overwegingen ook in de praktijk te gaan toetsen. Wegens de aard van het onderzoek konden niet alle aspecten getoetst worden en na lang beraad werden er vier hypothesen weerhouden.

Het eerste aspect dat werd nagegaan was het gebruik van 'contact maken' tussen de therapeut en cliënt. Met 'contact maken' wordt meer dan louter fysiek contact maken bedoeld. Het gaat om een ontmoeting tussen twee mensen, een wederzijds contact. De hypothese dat aanraken bij haptotherapeuten steeds gepaard gaat met contact maken, kon niet bevestigd worden.

Haptotherapeuten hechten veel belang aan het verwoorden van ervaringen en gewaarwordingen. Een tweede hypothese was dan dat er een samenhang zou zijn tussen lichamelijke gewaarwordingen en het verwoorden of uitdrukken ervan. Ook voor deze hypothese kon geen evidentie gevonden worden.

De haptotherapeut zelf zou ook een andere rol hebben binnen de therapie. Een haptotherapeut brengt zijn eigen gevoel en zijn affectieve betrokkenheid in binnen de therapie. Hij laat zichzelf voelen. De affectieve bevestiging van de haptotherapeut zou verder gaan dan de empathie van de gemiddelde psychotherapeut. Hier werd de hypothese gevormd dat haptotherapeuten op een andere, meer lichaamsgerichte manier empathisch zijn dan andere therapeuten. Alle therapeuten rapporteren echter in even grote mate het gebruik van aandacht voor het lichamelijke gebeuren om zich in te leven in de gevoelens van de cliënt. Ook deze hypothese kon dus niet bevestigd worden.

Een laatste onderzoeksvraag betrof een mogelijk effect van haptotherapie. Er werd gekeken of het volgen van haptotherapie ertoe leidde dat er bij de patiënt meer openheid kwam voor diens gevoelens. Voor deze hypothese werd gedeeltelijke evidentie gevonden. In de beleving van de therapeuten zelf stelden we een verschil vast tussen de haptotherapeuten en de andere lichaamsgerichte therapeuten. Die laatste rapporteerden, over de hele behandeling, minder het openen van gevoelens bij hun cliënten dan de haptotherapeuten. Op sessieniveau vonden we geen verschil. Helaas ontbraken de gegevens van de cliënten om deze bevinding ook daar te toetsen.

Er werd dus weinig evidentie gevonden voor de hypotheses van deze studie. Er werden verschillen gevonden, maar die bleken niet significant te zijn en wezen ook niet in de richting van de hypothese. De enige concrete evidentie die gevonden werd voor de laatste hypothese, was gebaseerd op zelfrapportage door de therapeuten en kon niet vergeleken worden met andere scores. Tijdens de data-analyse kwamen echter enkele andere interessante aspecten aan het licht.

Haptotherapeuten raken hun patiënten vaker aan dan de andere lichaamsgerichte therapeuten. Wanneer ze hun patiënt aanraken is dat, net als bij de andere therapeuten, ongeveer een op vier keer met de doelstelling om contact te maken. Vermits de haptotherapeuten vaker aanraken, kan daaruit afgeleid worden dat zij toch vaker de doelstelling 'contact maken' zullen gebruiken dan andere therapeuten. Hierbij aansluitend blijkt uit de data dat haptotherapeuten ook vaker aangeven concrete veranderingen aan te brengen in de fysieke situatie waarin de patiënt zich bevindt. De aard van de aanrakingen blijkt ook te verschillen tussen de twee groepen.

Haptotherapeuten maken – volgens de data verzameld in dit onderzoek – uitsluitend gebruik van louter fysiek contact zoals bijvoorbeeld de handen op de rug, benen, buik,... van de cliënt leggen. De andere groep maakt daar in mindere mate gebruik van en werkt ongeveer de helft van de tijd met massage- en of manipulatietechnieken. De haptotherapeuten geven tot slot ook vaker aan dat ze de patiënt ondersteunen bij het ontwikkelen van een lichaamsgewaarzijn.

Het blijkt dus dat haptotherapie zich op bepaalde vlakken wel degelijk onderscheidt van andere lichaamsgerichte therapievormen en wellicht kan men, na verder onderzoek, nog meer aspecten vinden waarin de eigenheid van haptotherapie weerspiegeld wordt. Het lijkt dus zinvol om, zoals eerder aangegeven, bepaalde aspecten nog uitgebreider te onderzoeken. Maar het lijkt me ook zinvol om op zoek te gaan naar de overeenkomsten met andere lichaamsgerichte therapieën. Uit deze studie blijkt dat die duidelijk aanwezig zijn. Dat is geen grote verrassing, noch een negatief punt. Door meer te leren over andere therapievormen en de overeenkomsten te bepalen, kan er een uitwisseling ontstaan en zo kunnen alle lichaamsgerichte therapeuten van elkaar leren. Zulk een uitwisseling kan de discipline 'lichaamsgerichte therapie' enkel ten goede komen.

Ik hoop dat ik met mijn verhandeling een licht heb kunnen werpen op de lichaamsgerichte methode van haptotherapie en de eigenheid van deze therapievorm in vergelijking met andere lichaamsgerichte therapieën."
[Uit Definiëring en empirische toetsing van de eigenheid van Haptotherapie als lichaamsgerichte therapievorm (Leuven, 2009), pg. 62 t/m 64]

Frangh A. de (2009), Definiëring en empirische toetsing van de eigenheid van Haptotherapie als lichaamsgerichte therapievorm, Thesis Katholieke Universiteit Leuven, faculteit psychotherapie en dieptepsychologie

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Invloed haptotherapie op copingstijl bij nek-, schouderklachten

Doctor-256In deze studie is onderzocht of er een verband bestond tussen haptotherapie (aanrakende behandelingen) en de copingstijl van werknemers met nek- en schouderklachten met als doel het empirisch onderbouwen van de haptotherapie. Het onderzoek is uitgevoerd onder een populatie van 20 GZ-Haptotherapeuten die ieder 5 cliënten op volgorde van aanmelding de vragenlijsten uitreikten.

Deze studie toont binnen de beperking van de kleine onderzochte groep aan, dat haptotherapie bij mensen met nek- en schouderklachten na 3 behandelingen leidt tot vermindering van pijnklachten en het versterken van adequate copingstijlen. Een vervolgonderzoek wordt aanbevolen.

Akkerman, H. (2005), De invloed van haptotherapie op de copingstijl van werknemers met nek- en schouderklachten, Open Universiteit Nederland te Heerlen, scriptie Open Universiteit Nederland / faculteit Psychologie

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Evaluation haptotherapy and chemotherapy

Graduate-Cap-01-256"Uit onderzoek blijkt dat kankerpatiënten steeds vaker gebruik maken van complementaire zorg. Om aan deze behoefte tegemoet te komen wordt sinds 1998 in het Diaconessenhuis in Zeist haptotherapie aangeboden aan kankerpatiënten die op de dagbehandeling chemotherapie krijgen. In de haptotherapie wordt geprobeerd door middel van aanraking patiënten in contact te brengen met hun eigen gevoel en van daaruit te leren anders om te gaan met hun ziekte, zichzelf en hun omgeving. Hierdoor treedt vermindering van klachten op en verbetert de kwaliteit van leven, veronderstelt men. Doel van dit onderzoek was om inzicht te krijgen in de effecten van haptotherapie op het welbevinden van de patiënten. Ook werd nagegaan of men al eerder gebruik had gemaakt van complementaire zorg en hoe men de haptotherapie beoordeelde. Effecten werden vooral verwacht op stemming, lichaamsbeleving en kwaliteit van leven in het algemeen.

Het onderzoek had een quasi-experimenteel design met een voor- en een nameting... Metingen werden verricht door middel van gestructureerde vragenlijsten. Het begrip welbevinden is in deze vragenlijsten onderverdeeld in de aspecten kwaliteit van leven, stemming, zingeving, algemeen functioneren, klachten, slaapkwaliteit en lichaamswaardering... Naast de meting van het welbevinden werd ook nagegaan of interventiepatiënten al eerder gebruik hadden gemaakt van complementaire zorg, welke doelen zij zich stelden ten aanzien van de interventie, in hoeverre zij bij de nameting vooruitgang hadden geboekt in het bereiken van deze doelen en hoe zij de interventie beoordeelden... De interventie bestond uit vijf consulten haptotherapie, naar keuze verspreid over de gehele periode van chemotherapie... Controlepatiënten kregen de normale medische zorg.

De onderzoeksgroep bestond in totaal uit 57 patiënten; van hen behoorden er 31 tot de interventiegroep en 26 tot de controlegroep. De respondenten waren grotendeels vrouwen... De gemiddelde leeftijd was 53 jaar.

De belangrijkste doelen die patiënten zich bij de voormeting stelden ten aanzien van de interventie waren ontspanning en zich beter voelen tijdens de chemokuren. Over dertig procent van de doelen rapporteerden zij bij de nameting een sterke vooruitgang in het bereiken ervan. Een lichte vooruitgang bemerkten zij bij 61% van de doelen. Op geen van de doelen werd een achteruitgang aangegeven. De haptotherapie werd gewaardeerd met het rapportcijfer 8,4. De gemiddelde score op acht vragen omtrent de tevredenheid met en kwaliteit van de behandelingen was 28,8 op een range van 8 tot 32. In de toelichting op de evaluatie gaven vele patiënten enthousiaste reacties. Men bleek vooral tevreden over de persoonlijke aandacht die men kreeg en de ontspanning die bereikt werd.

Uit de resultaten van het onderzoek kan - vanwege de kleine onderzochte groep - voorzichtig de conclusie worden getrokken dat haptotherapie een gunstige invloed heeft op het welbevinden van kankerpatiënten tijdens de periode van chemotherapie. Om deze conclusie met meer zekerheid te kunnen trekken, is echter gerandomiseerd onderzoek nodig onder een grotere, meer homogene groep patiënten."

Machteld van den Berg e.a. (2005), Evaluation of haptotherapy for patients with cancer treated with chemotherapy at a day clinic, Helen Dowling Instituut. Gepubliceerd in Elsevier Patient Education and Counseling 60 /2006

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Bevestigend aanraken: een filosofisch onderzoek van de haptonomie

Hand-02-256Een filosofisch onderzoek naar de grondslagen van de haptonomie als 'theorie en praktijk van de bevestigende aanraking en ontmoeting'.

In deze studie wordt betoogd dat de grondslagen van de haptonomie kunnen worden gevonden in de reguliere geneeskunde en filosofie. Zowel in de geneeskunde als in de haptonomie wordt gebruik gemaakt van natuurwetenschappelijke, hermeneutische, dialogische en existentieel-fenomenologische methoden.

De haptonomie gaat uit van een persoonsgerichte benadering en 'de mens in zijn lichamelijkheid'. Daarmee neemt zij afstand van de objectiverende en technische benadering van het lichaam. Zij mag alleen dán een lichaamsgerichte therapie worden genoemd, wanneer in de definitie van 'het lichaam' uitdrukkelijk het lichaam-subject wordt begrepen.

"Zowel in de geneeskunde als in de haptonomie gaat de ethische dimensie vooraf aan de ontologische..."

Van Luttervelt doet aanbevelingen om de ethiek van Levinas en die van Tronto te bestuderen. Ook raadt zij aan om haptonomisch geschoolde hulpverleners te trainen in verslaglegging en fenomenologische beschrijving van haptonomische fenomenen en ervaringen.

Luttervelt, Mia F.W. van (1997), Bevestigend aanraken: een filosofisch onderzoek van de haptonomie, Erasmus Universiteit

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Denken over voelen

Stationery-02-256Mensen komen met allerlei verschillende problemen naar een GZ-Haptotherapeut. Vooral lichamelijke klachten, vragen of problemen rond gevoelens en spanningsklachten zijn vaak een reden om met haptotherapie te beginnen. De meeste mensen hebben al eerder elders hulp gezocht voor dezelfde of andere problemen.
Haptotherapiecliënten zijn werkzaam in allerlei beroepsgroepen. De meesten zijn tussen de 30 en 50 jaar, hoewel mensen van allerlei leeftijden gebruik blijken te maken van haptotherapie. Qua opleiding is de ene helft van de cliënten lager en de andere helft hoger opgeleid. De lager opgeleiden komen meestal middels doorverwijzing door de (geestelijke) gezondheidszorg naar haptotherapie, terwijl de hoger opgeleiden er meestal op eigen initiatief heen gaan. Vooral vrouwen maken gebruik van haptotherapie.

Uit het onderzoek blijkt verder dat de lichamelijke aanraking het belangrijkste onderdeel is binnen de haptotherapie. De aanraking draagt er het meeste aan bij dat de mensen in contact komen met zichzelf, maar gesprekken zijn ook belangrijk. Hiermee geven de cliënten zelf aan dat er een nauwe relatie is tussen lichaam en geest, tussen denken en voelen.
Door het meer in balans komen van deze relatie en door meer contact met het eigen gevoel verminderen veel klachten en neemt de kwaliteit van het hele leven toe. De therapie beantwoordt voor het overgrote deel dan ook aan hun verwachtingen. De meeste cliënten zijn erg positief over hun therapie; hun tevredenheid stoelt mede op positieve veranderingen die ze in hun leven ervaren.

Opvallend is dat waar naar tevredenheid gevraagd is, 90% zegt tevreden te zijn (terwijl bij dergelijk onderzoek doorgaans driekwart van de mensen tevreden is). Ook valt op dat de helft van de cliënten niet verwacht dat hun klachten zullen verminderen of verdwijnen. Zij zijn veel meer op zoek naar wat er achter de klachten ligt c.q. op zoek naar contact met hun gevoelsleven. Gevraagd naar een vergelijking met andere hulpverlening vindt vrijwel niemand andere hulpverlening beter, zegt ruim de helft haptotherapie (veel) beter te vinden, 30% vindt haptotherapie even goed en zegt 10% dat haptotherapie een goede aanvulling is op andere hulpverlening.

Er werden 886 vragenlijsten verstuurd aan cliënten van GZ-Haptotherapeuten, waarvan er 549 ingevuld terug kwamen. De resultaten van dit onderzoek hebben ertoe bijgedragen dat de haptotherapie serieus werd genomen door zorgverzekeraars. Tenslotte pleiten de onderzoekers voor vervolgonderzoek en bevelen daarbij aan interviews te houden naast het afnemen van vragenlijsten. Ook doen zij een pleidooi voor longitudinaal onderzoek.

Hof, A.B.Th. van 't, P. van Voorst, M.E. van Zoelen-Nederlof (1997), Denken over voelen, een onderzoek naar de kenmerken van de cliëntenpopulatie van de Vereniging van Haptotherapeuten VVH en de betekenis van haptotherapie voor deze cliënten, Wetenschapswinkel Sociale Wetenschappen

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Effectonderzoek Haptotherapie

nieuw-artikel-256Mede op basis van de adviezen van gerenommeerde wetenschappers die zitting hebben in de Wetenschappelijke Raad voor de Haptonomie en Haptotherapie (adviesraad ingesteld door de VVH), is in de afgelopen jaren een beleid ontwikkeld, dat er toe heeft geleid dat is gekozen voor effectonderzoek in plaats van fundamenteel kwalitatief onderzoek.

De gedachte dat er eerst fundamenteel onderzoek zou moeten worden gedaan om een basis te leggen voor verder onderzoek heeft in de loop van de tijd plaatsgemaakt voor de gedachte dat een fundament gelegd wordt door kleine stenen neer te leggen. Met andere woorden: eerst trachten veel kleinschalig onderzoek te verrichten, waardoor er een basis wordt gelegd voor een onderzoekstraditie op het gebied van de haptotherapie. Dat kan langzaam maar zeker leiden tot een eigen plek in de wetenschappelijke wereld. We staan aan het begin daarvan.

In 2012 is een onderzoek afgerond aan de Vrije Universiteit Amsterdam met de titel The clinical effectiveness of haptotherapy in routine practices.

"Results: More than 75% of the completers showed significant improvement on the SCL-90, while the overall recovery rate was more than 50%. Conclusion: The results suggest that haptotherapy is effective in the treatment of psychological and somatic complaints. Due to the exploratory uncontrolled nature of the study, more research is required to support the effectiveness of haptotherapy compared to control conditions." [Uit: The clinical effectiveness of haptotherapy in routine practices]

In 2017 is een start gemaakt met een zogenaamd registratienetwerk (pilot), dat tot doel heeft over lange tijd data te verzamelen, met gebruik van gevalideerde vragenlijsten. Deze data zullen de basis gaan vormen voor verder effectonderzoek.

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

4DKL onderzoek Haptotherapie

Auto-Size-Columns-256Deze pilot met de 4DKL als meetinstrument binnen de praktijk haptotherapie geeft inzicht in factoren waarmee de haptotherapeut rekening dient te houden bij de behandeling van zijn / haar cliënten en geeft een indicatie van het resultaat van de behandeling. Er is gewerkt met een nulmeting voorafgaand aan de intake en een nameting aan het begin van de achtste (8e) behandeling, waarbij de scores Distress, Depressie, Angst en Somatisatie in beeld zijn gebracht en het verschil tussen de scores is geanalyseerd.

Uit de onderzoeksgegevens van deze pilot blijkt dat een verhoogde score Distress, Depressie, Angst en/of Somatisatie veelvuldig voorkomt (pilot: 76%) en bij de nameting blijkt een afname daarvan met 78%. Er is met deze pilot een goede start gemaakt met het gebruik van dit meetinstrument binnen de praktijk haptotherapie, waarvan de uitkomsten een verdere opzet van een 4DKL onderzoek Haptotherapie rechtvaardigen.

Klabbers G.A. (2010), 4DKL onderzoek Haptotherapie, een pilot van tien (10) GZ-Haptotherapeuten die vanuit hun praktijk werkzaam zijn in de eerstelijns gezondheidszorg in Nederland.
Uitgeverij Haptotherapie Nederland ISBN / EAN: 978-947-1-10-8152

Het onderzoek kunt u bestellen in onze webwinkel.

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Onderzoek

Treatment of severe fear of childbirth with haptotherapy: design of a multicenter randomized controlled trial

About six percent of pregnant women suffer from severe fear of childbirth. These women are at increased risk of obstetric labour and delivery interventions and pre- and postpartum complications, e.g... Lees meer

Effectonderzoek Haptotherapie

Mede op basis van de adviezen van gerenommeerde wetenschappers die zitting hebben in de Wetenschappelijke Raad voor de Haptonomie en Haptotherapie (adviesraad ingesteld door de VVH), is in de afgelope... Lees meer

Casuïstiekbeschrijving

De eerste stappen die we als jonge beroepsgroep zetten op het gebied van wetenschappelijk onderzoek vraagt om een investering (lange termijn) en derhalve geduld. Ieder wetenschappelijk onderzoek is we... Lees meer

4DKL onderzoek Haptotherapie

Deze pilot met de 4DKL als meetinstrument binnen de praktijk haptotherapie geeft inzicht in factoren waarmee de haptotherapeut rekening dient te houden bij de behandeling van zijn / haar cliënten en g... Lees meer

Eigenheid Haptotherapie

"Ik begon mijn uiteenzetting met een uitgebreide voorstelling van haptotherapie als lichaamsgerichte therapievorm. Haptotherapie is een zeer recente therapie die haar wortels heeft in de haptonomie. H... Lees meer

Invloed haptotherapie op copingstijl bij nek-, schouderklachten

In deze studie is onderzocht of er een verband bestond tussen haptotherapie (aanrakende behandelingen) en de copingstijl van werknemers met nek- en schouderklachten met als doel het empirisch onderbou... Lees meer

Evaluation haptotherapy and chemotherapy

"Uit onderzoek blijkt dat kankerpatiënten steeds vaker gebruik maken van complementaire zorg. Om aan deze behoefte tegemoet te komen wordt sinds 1998 in het Diaconessenhuis in Zeist haptotherapie aang... Lees meer

Denken over voelen

Mensen komen met allerlei verschillende problemen naar een GZ-Haptotherapeut. Vooral lichamelijke klachten, vragen of problemen rond gevoelens en spanningsklachten zijn vaak een reden om met haptother... Lees meer

Bevestigend aanraken: een filosofisch onderzoek van de haptonomie

Een filosofisch onderzoek naar de grondslagen van de haptonomie als 'theorie en praktijk van de bevestigende aanraking en ontmoeting'. In deze studie wordt betoogd dat de grondslagen van de haptonomi... Lees meer

Keurmerk

GZ Hapto logoCMYK

IJHH

logoIJHH-5

User-Add-128